samenvattingen.com

Zoeken

Voortgezet Onderwijs | Middelbaar Beroepsonderwijs | Hoger Beroepsonderwijs | Wetenschappelijk Onderwijs


Toegepaste organisatiekunde, Thuis, Peter T.H.J.

Stelling 1:

Functioneel managen is veruit de beste manier van managen in een bedrijf.

Stelling 2:

De bottum-upplanning is een manier voor het opwekken van motivatie bij de werknemers.

Stelling 3:

Kwaliteitszorg is niet verplicht, maar wel noodzaak voor een bedrijf die aan die wensen van de klant wilt voldoen.

Hoofdstuk 1

Een begrippenkader voor de organisatiekunde.

Een Organisatie is een menselijke samenwerking die doelgericht en blijvend is.
Het resultaat van het totale samenwerkingsverband is groter dan een optelling van de resultaten van de individuele prestaties wordt het synergie-effect genoemd.

Going-concern gedachte: men gaat bij het nemen van managementbeslissingen uit van de continuïteit van de organisatie.

Het woord ‘organisatie’: In feite drie verschillende begrippen Het woord organisatie is een homoniem. We kunnen de volgende drie betekenissen aan het woord toekennen:
  1. Het functionele organisatiebegrip: Hierbij zien we het woord ‘organisatie’ als werkwoord dat gelijkstaat met het effectief op elkaar afstemmen van activiteiten.
  2. Het institutionele organisatiebegrip: Hiervan is sprake als men duidt op een organisatie als object, met een naam en een vestiging.
  3. Het instrumentele organisatiebegrip: Het woord ‘organisatie’ wordt gebruikt in de instumentele betekenis als we aan een organisatie refereren als middel waarmee we bepaalde doelstellingen van de organisatie kunnen verwezenlijken.
Welvaartverhogende ondernemingen hebben een aantal essentiële gemeenschappelijke kenmerken, nl.:
  • machtsverdeling in lagen;
  • geschoold personeel;
  • formele communicatie, regelgeving en methoden;
  • werkverdeling naar functie (bijv. productie-, inkoop-, verkoop- en boekhoudkundig personeel);
  • omschreven doelstellingen.
Bedrijf: een organisatie die goederen en/of diensten voortbrengt met het doel deze op een afzetmarkt te verkopen. Je hebt bedrijven met of zonder winst winstoogmerk.
Onderneming: een bedrijf dat altijd gericht is op het maken van winst.

Productiviteit: de verhouding tussen het bereikte resultaat en de daarvoor gebrachte offers.
Effectiviteit: de verhouding tussen het werkelijk bereikte resultaat en het normresultaat.
Efficiëntie: de verhouding tussen de normoffers en de werkelijk gebrachte offers.

Hoofdstuk 2

De belangrijkste stromingen in de organisatiekunde.

Vier krachten die aan de wieg van de systematische studie van het organisationele functioneren stonden zijn:
  • de Protestants-Christelijke ethiek ten aanzien van arbeid;
  • het kapitalisme en de opdeling van arbeid;
  • de Industriële Revolutie;
  • het productiviteitsprobleem.
Protestants-Christelijke werkethiek: in plaats van passief betere tijden na de dood af te wachten, moeten mensen juist hun roeping op aarde waarmaken door noeste arbeid en onzelfzuchtige inzet.
Eén van de basis elementen van het kapitalisme is specialisatie. Dit houdt in de opdeling van arbeid in kleinere delen en het vervolgens zich laten specialiseren van de werknemers in één van die kleinere delen.

Kapitalisme
Smith (1776) omschreef de basiselementen van het kapitalisme als volgt:
  1. De meest efficiënte regulering van de stroom van middelen door de maatschappij wordt bepaald door de natuurlijke wetten van vraag en aanbod en vrije concurrentie.
  2. Ieder individu zou vrij moeten zijn in het vergaren van rijkdom.
  3. Ieder individu zou vrij moeten zijn in het hebben van eigendomsrechten.
De opdeling van arbeid (specialisatie) leidt tot vergroting van de productiviteit.

De industriële revolutie vormde een derde stimulerende factor voor de systematische studie van optimale organisatievormen en de organisatietechnieken.

Het productiviteitsprobleem: in plaats van een geleidelijke verandering ontstond er aan het begin van de twintigste eeuw in de industrie een turbulente mix van verschillende gedachten over technologie, ond

evolutionnl

27 januari 2008 @ 12:49 uur

Een lijn organisatie zegt alleen iets over de indeling van de verschillende Werknemers, afdelingen of markten.

De functionele organisatie is de indeling naar functie van de afdeling, bijvoorbeeld inkoop, productie.

In een lijn organisatie kan je bijvoorbeeld ook een geografische indeling hebben, bijvoorbeeld Productie China, Productie Nederland.

kimalan

28 oktober 2005 @ 10:25 uur

Wat is juist het verschil tussen een lijnorganisatie en een functionele organisatie ? Is er dan bij de lijnorg geen verdeling naar functies toe ? Maw zijn er meerdere leidinggevenden voor een bepaalde functie (zoals bvb dat ze allemaal instaan voor verschillende functies) ?